Het Katwijks Museum
Het Katwijks Museum besteedt, naast de historische ontwikkeling van de uit de tijd van de Romeinen stammende gemeente, veel aandacht aan de schilderkunst die rond 1900 langs de kustlijn werd bedreven. Dit geldt ook voor de geschiedenis van de visserij en de aan deze bedrijfstak verbonden activiteiten. Bijzonder bezienswaardig zijn de onderwerpen, die te maken hebben met de geschiedenis van het oude Zeedorp: schitterende scheepsmodellen, nettenboetsters, een zeilmakerij, de koopvaardij en de walvisvaart.
Ook specifieke gebruiksvoorwerpen uit het rijke verleden van Katwijk, zoals de klederdracht, sierraden en textiel, hebben hun plek in het museum gekregen. Daarnaast wordt de collectie uitgebreid met attributen en afbeeldingen van het Rijndorp, waar veel tuinderijen waren.
Rederswoning
Het Katwijks Museum is ondergebracht in een aan het begin van de twintigste eeuw gebouwde rederswoning. Het pand is in de jaren 1953-1981 als politiebureau gebruikt, waarvoor aan de achterzijde een groot stuk werd aangebouwd. Na het vertrek van de politie kreeg de Stichting Katwijks Museum het gebouw toegewezen en richtte het in 1983 in als museum.
Aan het oorspronkelijke redershuis is niets veranderd; het pand staat sinds 1993 op de gemeentelijke monumentenlijst. Het neo-renaissance kantoor van de eerste eigenaar van het huis, de zogenaamde herenkamer, is nagenoeg intact gebleven, evenals het aangrenzende neo-empire 'boudoir' van de redersvrouw.
Het uit 1770 stammende interieur van een kamer uit een redershuis is in zijn geheel naar het museum overgebracht. Bijzonder in dit vertrek zijn vooral de 'gehoute' en gemarmerde decoratie en de gestyleerd vormgegeven vogeltjes op het plafond.
De collectie
De bedrijvigheid op het Katwijkse strand heeft al sinds de 17de eeuw aantrekkingskracht uitgeoefend op schilders. Voor zover nu bekend is, zijn er meer dan 1100 kunstenaars aan het werk geweest. Het hoogtepunt van het artistieke leven viel aan het eind van de 19de en het begin van de 20ste eeuw. Naast Nederlandse schilders zoals Jan Toorop, Willy Sluiter en B.J. Blommers woonden en werkten ook talrijke buitenlandse collega's in Katwijk. Bekende namen zijn: Hans von Bartels, German Grobe en Morgenstjerne Munthe. Samen gaven zij inhoud aan de kunstenaarskolonie Katwijk.
De schilderijencollectie is in hoofdzaak opgebouwd met werken uit deze periode.
Permanente exposities
In de entreehal en de Luc Ouwehandzaal zijn scheepsmodellen opgesteld die op een enkele uitzondering na, gebouwd zijn door leden van de modelbouwgroep van het Genoot-schap 'Oud Katwijk'. De verzameling geeft een indruk van de ontwikkeling van het vissersschip van circa 1600 tot 1950. Naast de vitrines met modellen zijn er allerlei authentieke scheepsattributen en oude foto’s van het vroegere visserijbedrijf en van de schepen tentoongesteld. Een fraaie blikvanger is hier tevens een groot opengewerkt model van het Hospitaalkerkschip De Hoop II.
De Meerburgzaal toont de eigen collectie in wisselende samenstelling. In de overige zalen zijn tijdelijke exposities te zien van werk van schilders die ooit in Katwijk werkten of van hedendaagse schilders, tekenaars en vervaardigers van textiele werken of sieraden.
De Bottemazaal is ingericht ter nagedachtenis aan de schilder-etser-illustrator Tjeerd Bottema (1884-1978) die vele jaren in Katwijk woonde en die door een legaat de inrichting van het Katwijks Museum - in 1983 - mede mogelijk heeft gemaakt.Het op de benedenverdieping gereconstrueerd manufacturenwinkeltje dateert, evenals een vissershuisje met oorspronkelijk interieur, uit ongeveer 1880. In de Jan van Brakelhal worden op de begane grond verdwenen ambachten uitgebeeld zoals het kuipen, zeilmaken en nettenboeten. Op de eerste etage van deze hal worden bijzonder bezienswaardige hoofdijzers, sieraden, mutsen en velerlei accessoires getoond, welke deel uitmaakten van de klederdrachten van Katwijk en het Rijnland. Met behulp van poppen wordt een indruk gegeven van de kleding met toe¬behoren van onze voorouders. Veel schilders hebben op hun doeken eveneens de bevolking in klederdracht afgebeeld.
Katwijk als badplaats komt aan bod in de Blommerszaal. Aandachttrekker is daar een vitrine, waarin een deel van de Boulevard rond 1900 in miniatuur te bewonderen valt. Op verzoek worden in de ruimte naast deze zaal videofilms vertoond.

Zolderverdieping
De ontwikkeling van Katwijk aan Zee in historisch perspectief
Op de zolderverdieping van het museum wordt een indruk gegeven van de historische ontwikkeling van het vissersdorp vanaf het Romeinse Rijk tot in de 20e eeuw aan de hand van een twaalftal tekeningen en voorwerpen uit de collectie.
De Noordgrens van het Romeinse Rijk - de zogenaamde Limes - werd gevormd door de Rijn. Versterkingen langs deze grens, onderling verbonden door wegen, moesten het rijk beschermen tegen invallen uit het noorden. De Brittenburg bij Katwijk en Praetorium Agrippinae bij Valkenburg maakten hiervan deel uit. Door verschuiven van de kustlijn bij hevige stormen verdween de Brittenburg in zee. Bij archeologisch onderzoek voor de herbouw van het grotendeels tijdens de meidagen van 1940 verwoeste Valkenburg werden veel overblijfselen van de Romeinse nederzetting gevonden.
Later werden bij opgravingen vóór het bouwen van de huidige woonwijken Cleyn Duyn en De Zanderij nog meer resten van vroegere bewoning aangetroffen. Een aldaar gevonden waterput uit 672 is onderdeel van de collectie.
Door het opschuiven van de kustlijn verdween in 1604 een oude vuurbaak in zee, waarna in 1605 de huidige Vuurbaak verder landinwaarts werd herbouwd.
In 690 zette Willibrord met een twaalftal monniken hier voet aan land en begon zijn bekeringswerk tussen de ongelovigen.
De groei van het dorp werd in de oorlog 1940-1945 verstoord door de aanleg van de Atlantikwal, waarbij een groot deel van het oude dorp werd gesloopt en de Oude Kerk haar toren verloor. Een deel van de collectie geeft een indruk van het leven tijdens de oorlog met rantsoenering en clandestien luisteren naar radio Oranje.
Katwijks dialect
Het Katwijkse dialect kunt u beluisteren in een authentieke Katwijkse strandcabine. Wanneer u plaatsneemt in dit zogenaamde 'strandhokje', hoort u de stem van Cornelis Varkevisser. Hij leest voor uit verhalen die hij in de jaren veertig van de twintigste eeuw optekende uit de mond van oude vissers. Van deze oude opname van het dialect is een cd verkrijgbaar in de museumwinkel. De strandcabines zijn ook vandaag de dag nog iedere zomer op het strand te bewonderen.
Scheepsbrug
Een replica van een scheepsbrug met inventaris van een logger uit de jaren 1950 maakt deel uit van de opstelling op de zolder.


